Stotteren
Stotteren valt in de DSM-IV (het handboek van diagnostiek) onder de ontwikkelingsstoornissen (net als bijvoorbeeld Autisme). Volgens dat handboek is stotteren: “Een stoornis in het normale vloeiende verloop en het tijdspatroon van de spraak (niet passende bij de leeftijd van betrokkene)”. Een aantal voorbeelden van stotteren:
Het herhalen van klanken en lettergrepen
Het verlengen van een klank
Hoorbaar of geluidloos blokkeren van de spraak (pauzes)
Produceren van woorden met een overmaat aan lichamelijke inspanning
Monosyllabische herhalingen van hele woorden, bijvoorbeeld: “hij hij hij hij loopt daar”
Deze problemen moeten dusdanig ernstig zijn dat het in significante mate het leven verstoort, bijvoorbeeld op het gebied van schoolprestaties, beroepsmatige prestaties of sociale communicatie.
Er wordt tegenwoordig gesproken van twee soorten stotteren:
Openlijk stotteren: dit is wat een gesprekspartner zal merken van het stotteren: haperen, woorden herhalen, etc.
Verborgen stotteren: als gevolg van het stotteren zal een stotteraar moeilijke woorden vermijden, ervaart hij angst om te spreken en kan er sprake zijn van minderwaardigheidsgevoelens. Deze problemen zijn eigenlijk nog groter dan het openlijk stotteren, omdat dit vooral de dingen zijn waar iemand die stottert het meeste last van heeft.
Er is vaak sprake van veel schaamte over het stotteren. Er zijn echter veel bekende of belangrijke mensen die ook stotteren! Voorbeelden hiervan zijn Charles Darwin (evolutietherie), Mozes (profeet), Frans Bauer (zanger), Toon Hermans, Marilyn Monroe, Aristoteles (filosoof) en Winston Churchill. Tevens is bekend dat stotteren zich vooral in sociale communicatie voordoet, maar niet bij bijvoorbeeld zingen, dichten, of praten tegen een huisdier.
Oorzaak
Stotteren ontstaan meestal in een leeftijd tussen twee en negen jaar, wanneer het spraakvermogen en de taal het nog in volle ontwikkeling is. Daarnaast komt het vaker voor bij mannen dan bij vrouwen. In de wetenschap is inmiddels bekend geworden dat stotteren ontstaat in de linker hersenhelft. In dit hersengebied worden de spieren die gebruikt worden tijdens de spraak aangestuurd. Wanneer je een ‘spraakfout’ dreigt te begaan, bijvoorbeeld wanneer je door spanning op een verkeerde manier ademhaalt, wordt dit door de spieren teruggekoppeld naar de hersenen. De hersenen corrigeren de aankomende ‘spraakfout’ door een nieuw signaal terug te sturen naar de spieren. Bij mensen die stotteren wordt het signaal van een ‘spraakfout’ eigenlijk te vaak afgegeven. Hierdoor ontstaan de onregelmatigheden in de spraak.
Er is nog veel discussie over hoe en waarom stotteren ontstaat. Er schijnt een genetische aanleg te zijn, omdat stotteren vaker voorkomt binnen één familie. Dit kan echter ook met opvoeding te maken hebben. Er zijn theorieën over stotteren die stotteren zien als een vorm van faalangst. Degene die stottert is bang om af te gaan te opzichte van anderen, door de spanning die ontstaat kan stotteren ontstaan. Andere theorieën zeggen dat deze spanning ontstaat door de opvoeding. Er wordt teveel van het kind gevraagd, waardoor het evenwicht wordt verstoord tussen wat het kind kan en wat er van hem gevraagd wordt. Deze spanning leidt tot stotteren. Een andere theorie stelt dat stotteren kan ontstaan wanneer het kind spraakproblemen heeft. De omgeving kan hierop reageren met irritatie, waardoor het kind zich gespannen gaat voelen wanneer het moet spreken. Ook hierdoor kan stotteren ontstaan volgens deze theorie.
Behandeling
Wat al de bovenstaande theorieën gemeenschappelijk hebben is dat stotteren ontstaat door een bepaalde spanning die samengaat met het spreken. Hoe ontstaat stotteren dan eigenlijk, hoe begint het? Stotteren kan op vroege leeftijd beginnen met een aantal woorden die bijvoorbeeld haperend worden uitgesproken. Wanneer dit vaker gebeurt (en er negatief op gereageerd wordt door jezelf of de omgeving), kan er een verwachtingspatroon van stotteren ontstaan. Wanneer je elke keer wanneer je moet spreken verwacht dat je zal gaan stotteren, zal er spanning ontstaan. Deze spanning kan leiden tot stotteren waardoor je verwachting inderdaad uitkomt. Op deze manier ontstaat er een vicieuze cirkel. Wanneer je het verwachtingspatroon kan doorbreken door positieve ervaringen, kun je daarmee de vicieuze cirkel doorbreken. Dat is wat er in therapie getracht wordt.
Contact0499-851196 06-53569061 Vraag een gratis intakegesprek aan! |


